Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie

Democratiebevordering aan de randen van Europa: projecten effectief, maar bredere impact onbekend

 

IOB evalueerde de uitvoering van het Matra-programma in de landen van het zogenoemde Oostelijk Partnerschap. Als voormalige deelrepublieken van de Sovjet-Unie, delen Oekraïne, Moldavië, Georgië, Belarus (Wit-Rusland), Armenië en Azerbeidzjan veel kenmerken, maar na hun onafhankelijkheid in 1990 sloegen zij verschillende wegen in. Het Matra-programma richt zich op het bevorderen van democratie, de rechtsstaat en mensenrechten, met name door het versterken van het maatschappelijk middenveld en lokale overheidsinstellingen. Daarnaast beoogt Matra de bilaterale betrekkingen tussen Nederland en de betreffende partnerlanden te versterken.

IOB stelde vast dat de meeste projecten hun doelen behaalden, maar dat hun gezamenlijke bijdrage aan de doelstellingen van het programma niet kon worden vastgesteld. Dit kwam voornamelijk door de beperkte omvang van het Matra-programma en de verscheidenheid aan thema’s die werden geadresseerd. Toch had het Matra-programma door zijn toegankelijkheid voor kleinere civil society organisaties en zijn flexibiliteit toegevoegde waarde ten opzichte van de programma’s van andere donoren. IOB stelde ook vast dat het eigenaarschap en de resultaatgerichtheid van het ministerie van Buitenlandse Zaken tijdens de onderzochte periode afnam.

Op basis van deze bevindingen adviseert IOB dat het Matra-programma zijn flexibiliteit moet behouden, maar dat het ministerie meer aandacht moet besteden aan de resultaten op programmaniveau, inclusief het doel van het versterken van de bilaterale betrekkingen. Ook ligt het, gezien de politieke ontwikkelingen in de regio, voor de hand dat er een andere aanpak wordt gevolgd voor landen die een associatieakkoord met de Europese Unie hebben gesloten en landen die dat niet hebben gedaan. Toch moeten nieuwe scheidslijnen worden vermeden, bijvoorbeeld door grensoverschrijdende projecten mogelijk te maken. Tot slot, om de resultaatgerichtheid van het programma te versterken, moet het programmabeheer op het ministerie worden versterkt, evenals de interactie tussen uitvoerende organisaties zoals politieke partijen, ambassades en het Internationale Visegrád Fonds.

Met deze evaluatie heeft IOB een bijdrage geleverd aan het nieuwe beleidskader voor het Matra-programma 2016-2020.

Voor meer informatie omtrent de belangrijkste bevindingen: zie het rapport, de bijlage met een beoordeling van geselecteerde projecten, de IOB Evaluatie Nieuwsbrief, de beleidsreactie van minister Koenders op de aanbevelingen van de IOB-evaluatie, en de beleidsreactie op de evaluatie van het Matra-pre-accessie-programma en het nieuwe beleidskader.
 

Zoeken